+
In detail

Evolutietheorie Jean-Baptiste Lamarck


Jean-Baptiste de Lamarck (geboren 1 augustus 1744, 28 december 1829)

De botanicus en zoöloog Jean-Baptiste Lamarck ontwikkelde zijn eigen evolutietheorie aan het begin van de 19e eeuw, lang voor Charles Darwin. De theorie die tegenwoordig wordt gebruikt door de term "Lamarckisme" is gebaseerd op de basisaanname dat dieren hun eigenschappen, die ze tijdens hun leven hebben verworven, kunnen doorgeven aan hun nakomelingen. Lamarck rechtvaardigde zijn visie met de omgevingscondities die bij de dieren bij wijze van spreken een innerlijke behoefte aan aanpassing teweegbrengen.
Het meest voorkomende voorbeeld om de theorie van Lamarck te illustreren, is de evolutie van de hals van de giraf. Het leefgebied van de giraf in de Afrikaanse steppen is droog en de aanvoer van plantaardig voedsel is beperkt. Meer dan generaties lang moest de giraf zich uitrekken voor voedsel in verspreidende delen van de bomen, waardoor de nek langer werd. Van generatie op generatie gaven de giraffen hun nieuw verworven kettingen door.
De regeling is als volgt:
De behoefte aan levende wezens om zich aan te passen -> gebruik van organen leidt tot hoger onderwijs -> verworven eigenschappen worden doorgegeven.
Lamarcks theorie vanuit het perspectief van vandaag:
Vandaag de dag wordt het lamarckisme weerlegd omdat het genetische materiaal dienovereenkomstig zou moeten veranderen. Dit is echter niet het geval, omdat de genen niet veranderen als gevolg van het gebruik of het niet gebruiken van organen.